De partij die een stuk of bericht langs elektronische weg heeft ingediend, ontvangt daarvan een ontvangstbevestiging in het digitale systeem (art. 30d lid 1, laatste volzin, Rv). Daarbij geldt dat als tijdstip van ontvangst overigens het tijdstip waarop het stuk of het bericht het digitale systeem voor gegevensverwerking van de rechtspraak heeft bereikt. Concreet betekent dit dat – bij indiening van een stuk op de laatste dag van een termijn – het (gehele) stuk vóór 24.00 uur het digitale systeem van de rechtspraak moet hebben bereikt.

Wanneer door een partij (of een andere betrokkene, zoals een deskundige) een stuk langs elektronische weg is ingediend, ontvangen de overige procespartijen daarvan een kennisgeving (‘notificatie’); art. 30d lid 2 Rv. Deze notificatie wordt vanuit het digitale systeem van de rechtspraak verzonden naar het door partijen opgegeven e-mailadres. Als tijdstip van ontvangst van het geplaatste bericht geldt het tijdstip waarop de notificatie vanuit het digitale systeem is verzonden (art. 30d lid 3 Rv). Komt de notificatie vervolgens – om welke reden dan ook – niet op het opgegeven e-mailadres aan, dan komt dit volgens de wettelijke regeling voor risico van de betrokken procespartij.

Omdat de notificaties geen zaaksinhoudelijke informatie zullen bevatten, zal na ontvangst van een notificatie in het digitale systeem moeten worden ingelogd om van de inhoud van het ingediende stuk of bericht kennis te kunnen nemen.

Een partij (of andere betrokkene) kan ook afzien van het ontvangen van de notificaties. In dat geval geldt als tijdstip van ontvangst van geplaatste berichten het tijdstip waarop deze in het digitale systeem toegankelijk zijn geworden (art. 30d lid 4 Rv). Wordt afgezien van notificaties, dan dient men dus regelmatig in het digitale systeem in te loggen om te voorkomen dat berichten en daarbij gestelde termijnen worden gemist.