Door invoering van de KEI-wetgeving zal het huidige systeem van de rol verdwijnen (34 509 (KEI I) MvT p. 29-30). In plaats daarvan wordt het digitale systeem voor gegevensverwerking ingevoerd. Hiermee verdwijnt de functie van de rol als volgsysteem.

In dagvaardingsprocedures kennen wij nu nog de rol: het register van alle dagvaardingszaken die bij een gerecht aanhangig zijn. Via de huidige digitale roljournalen kunnen partijen de rol raadplegen om na te gaan wat de huidige stand van een procedure is. In een wekelijkse rolzitting verrichten partijen proceshandelingen, verleent een rolrechter termijnen voor verdere proceshandelingen en worden andere beslissingen genomen over het verloop van de procedure.

Dit systeem verandert onder “KEI”. Stukken kunnen (of: moeten) straks via het digitale systeem worden ingediend. Ook kunnen partijen en de rechter via dit systeem het digitale dossier inzien, bekijken wat de stand van de procedure is, welke proceshandeling vervolgens moet plaatsvinden en op welke termijn. Verder kunnen tussen partijen en de rechter berichten worden verzonden (zie artikelen 30c t/m 30e NIEUW Rv). Via dit systeem zullen dus ook verzoeken kunnen worden ingediend om uitstel te verkrijgen voor het verrichten van een proceshandeling.

Anders dan in het huidige digitale roljournaal – waarin het verloop van alle procedures kan worden gevolgd – zullen partijen (dan wel hun procesvertegenwoordigers) in het digitale systeem voor gegevensverwerking alleen toegang krijgen tot hun eigen zaak of zaken. Ook zal een verweerder zijn eigen zaak kunnen observeren. Het zal dus mogelijk zijn om in te loggen in het digitale dossier zonder dat de verweerder als in de procedure verschenen zal worden aangemerkt. Dit is van belang voor het al dan niet verschuldigd zijn van griffierecht.