Combineren vordering en verzoek in één procesinleiding

Art. 30b biedt de mogelijkheid om met één procesinleiding gelijktijdig een vordering en een verzoek in te dienen, mits tussen beide voldoende samenhang bestaat en de Nederlandse rechter bevoegd is van beide kennis te nemen (lid 1). De wetgever denkt hierbij bijvoorbeeld aan een procedure over ontbinding van een arbeidsovereenkomst, waarbij tevens achterstallig loon of schadevergoeding wordt gevorderd (MvT 34 059 (KEI I), p. 60). (meer…)

Voor wie geldt de verplichting tot digitaal procederen?

Art. 30c nieuw Rv (nieuw) bepaalt dat processtukken in beginsel langs elektronische weg moeten worden ingediend bij de rechter (lid 1-2), op straffe van niet-ontvankelijkverklaring van eiser of verzoeker respectievelijk het buiten beschouwing laten van het processtuk in kwestie (lid 6-8). art. 8:36a Awb (nieuw) bepaalt dat het beroep en de overige stukken in beginsel langs elektronische weg moeten worden ingediend bij de rechter (lid 1-2), op straffe van niet-ontvankelijkheidverklaring van partij of andere betrokkenen respectievelijk het buiten beschouwing laten van het processtuk in kwestie (lid 5). Maar de verplichting tot digitaal procederen geldt niet voor iedereen. (meer…)

Uniforme basisprocedure voor vorderings- en verzoekzaken

De dagvaardings- en verzoekschriftprocedure – in het wetsvoorstel aangeduid als vorderings- en verzoekprocedure (zie hier) – groeien al enkele decennia naar elkaar toe. De overgang naar één inleidend processtuk en één uniforme basisprocedure is hiervan een vervolgstap. Niettemin blijven vorderingen en verzoekschriften door eigen procesregels beheerst, neergelegd in respectievelijk de tweede en de derde titel van het Eerste Boek van Rv. Ook wordt geen wijziging gebracht in de regels die bepalen of een procedure met een vordering dan wel een verzoek moet worden ingesteld.  (meer…)

Webportaal “Mijn rechtspraak”

Eén van de grote vernieuwingen die het wetsvoorstel teweegbrengt is de mogelijkheid – en voor de meeste procespartijen: de verplichting – om digitaal te procederen. Daartoe ontwikkelt de Raad voor de Rechtspraak een webportaal, als onderdeel van www.rechtspraak.nl, dat “Mijn Rechtspraak” zal gaan heten (eerder werd gesproken over “Mijn Zaak”). De Hoge Raad en de Raad van State ontwikkelen een eigen webportaal, dat voor de gebruiker niet wezenlijk zal verschillen van Mijn Rechtspraak.  (meer…)